Sidor som bilder
PDF
ePub

een ey.

WHISK, Een plat bézemtje van rys. 1 & Whistle, (wind-pipe, or weasand- 1 of the WHITE of the eye, ' * jes om bet stöf van de stoffen af pipe) De lucbt-pyp, görgel-pyp.

van 't oog te slaan. + t To wet one's whistle, (to drink)

The white of an egg, 'Wit van Whisk, (the sound of a switch) #t Zyn keel smeeren, drinken. Het geluid der Nag van een rys to WHISTLE, Fluiten.

White (or aim) to shoot, Wit, je, of teentje.

The birds whistle, De vogels doelwit, om op te schieten. Whisk, (a neck ornament for fluiten.

To hit the white, Het wis tref. Woinen, now out of fathion) Do you hear the wind whistle, fen. Een neerstik der Vrouwen.

Hoort gy de wind wel fluiten.' White, or white paint, Wit, Whisk, (a game at cards) Zé To whistle at, Toefluiten.

blankëtzel. ker kaartspel. Whistlcd, Gsluit.

White, (a white man, of wo. to WHISK off the dust, De för Whittier, Fluiter , fluitster.

man in opposition to black) affcbuijeren, (of afslaan.) Whistling, Fluiting, gefluit,

Wit; een wit man , witte of 7 To whisk the air, (a poetical fiuitende.

blanke vrouw. expression) De lucbt flaan. A whistling wind, Een guivende White, (or white clothes,) Wit, + To whisk AWAY, (to make haste wind.

witte kleeren. or dispatch) Zicb weg pakken. A whistling noise, Een fluitend

He was clad in white, Hy wis To whisk about, Oingi pen.

geluid.

in 't wit gekleed. WHISKER, Een knével.

WHIT, (or little deal) Een wei- White, (or blank, in writing or To turn up his whiskers, Zyne nigje, ziertje.

printing) Wit, of jcbeen paier knévels opzetten.

He is not a whit displeased , Hy in 't schryven of drukken. Ben Whisker, (one that plays at is niet een zier misnoegd.

The whites, in women, De scitwhisk) Een die whisk speelt. He is not a whit the better for te vloed, in vrouwen. WHISKING, Affcbuijering,

it, Hy is 'er niet een zier te . | White-livered, Een bleek-neus, een affcbuijerende. ter om.

die 'er geeps uitziet , syaig. CA whisking wind, Een styve He does not see a whit, Hy ziet White-fryers, De graauw-nar.niken. wind.

niets.

White-wort, Moeder Áruid. A whisking trade , Groote nee. Every whit, In alles , in alle to WHITE, Witten, wit maaker, ring.

deelen.

To white a wall, Een muut A whisking lie, Een groote lets She is every whit as bad as he, witten. gen.

Zy is in 'alle deelen 30 jim to WHITEN, Wit maaken, sit WHISPER, Geluister, gemompel.

worden. There is a whisper of such news on I ain never a whit the richer To wbiten linnen, Linnen blee

about the town, Daar is een for it, Ik ben 'er niet een zier ken. gerucbt van zulk nieuws in de

te ryker om.

Whited, Gewit, soit ge Stad.

} WHITE, Wit, blank.

Whitened, maakt. to WHISPER, Luisteren, inluiste White wine , Witte wyn, Fran Whitely, Witac big, bleekt. ren, binnens monds Spreeken. scbe wyn.

Whitenefs, Witbeid, blankbeid, grys. He whispers him in the ear, Hy Snow white, Sneeuw wit.

beid. luistert bem in 't oor.

As white as snow , Zo wit als The whiteness of the icow, De They do nothing but whisper, Freeuw.

witbeid der jneeuw. Zy doen niet anders als luisteren. White hairs, Gryze baairen.

The witheness of her skin, D: To whisper within one's self, Bin A white skin, Een blank vel.

blankbeid van baar vii. nensmonds prévelen.

White thorn tree, Berberile-boom, The whiteness of the hair, De Whispered, Geluisterd , ingeluisterd. witte baagdoorn.

grysbeid van 't baair. Such 'news is whispered about White vine, Wilde Wyngaard. Whitening, Witinaaking, bleeking , the town, Zulk nieuws luistert White bread, Witte brood.

witmaakende. men malkander in de Stad in 't White lead, Loodwit.

WHITHER, Waar na toe, woer White lime, Kalk wit.

waards. Whisperer, Een luisteraar, luister. A white-line , (in the art of pain. whither foever, Waar oct, wervink.

ting) Een witte ligte streep. wards ook, waar ook beerien. Whispering, Inluistering , - in White-straits, (a kind of course Whither-foever he goes , Wear luisterende. cloth made in Devonsbire) .

by ook beenen gaas. I hear a whispering , It boor een kere soort van gröf laken. Whither d'ye go? whither now? gefluister.

WHITE-RENT, Drinkgëld , sie Waar gaat gy naar toe ? waar WHIST! Sus! ftil!

Quit-rent.
They are as whist as can be, Zy A white-pot, Gekookte melk in

A white-pot, Gekookte melk in A. Gelyk men Thither zegi in plasts zyn 20 stil als een muis. een pot met brood , eijeren ,

van There, met een Werkwoord WHIST, (a game at cards) zie suiker, nootemuskaat, enz.

dat een plaatselyke beweeging 485Whisk. Gå white-tetter, Droog Scburft,

duidt ; 30 bedient men zico ook cos WHISTLE, Een fluit.

droog kraauwsel.

Whither in plaats van Where.

als by.

007.

nu been?

ren.

een

WHITHERS, Schöft, zie Withers. To swallow down his meat who the WHOOP, De boppe, zékere WHITING, (van to White) Wit le, Zyn ceten ongekaauwd neer vogel. ting , witmaaking.

zwëlgen.

to WHOOP, Roepen, toeroepen. Whiting, (or Size, to whiten That is the whole duty of man, Whooping, Geroep, — roepende. walls) Witsel, zynde een soort Dat is de gantsche plicbt des men- WHORE, 'Een boer. van wit kryt. fcben.

A common whore, Een allemans Whiting, (a fish) Wyting , bölk, They that are whole need not a

boer. zékere viích.

Physician, Die gezond zyn beb To play the whore, De boer * To let go a whiting, (to let slip ben den Medicynmeester niet van

Jpeelen. an opportunity) De gelégenbeid noode. (Luk. V: 31.)

* To cry whore, (to complain) laaten ontslippen. WHOLE, Gebeel.

first, Het eerst klaagen. Whitith, Witacbtig.

To devide the whole into its parts, Whore-house, 2 Een boerbuis , borWhitishness, Witacbtigbeid.

Het gebeel in deszelfs deelen af Whore-neft, deel. WHITLOW, De fyt, zékere kwaad. zonderen.

Whore-master, Een boereerder, boeaardige zweering aan de enden Some part of the whole, Eenig Whoremonger; } rejaager. der vingeren.

gedeelte van 't gebeeb.

to WHORE, Hoereeren. WHITSTER, Een bleeker.

Upon the whole I say, Alles wel To whore AWAY one's estate , WHITSUN, Pingster.

ingezien zynde, 20 zeg ik.

Zyne goederen verboeren. Whitsun holy days, De Pingster. To sell by the whole , In 't groot WHOREDOM, Hoerery. dagen.

verkoopen.

To commit whoredom, Hoerery WHITSUNTIDE, Het Pingster. Wholesale, Verkooping in 't grös. bedryuen. feelt, de Pingster tyd.

A wholesale-man, "Een grosier, whore-fon, zie Whorson. WHITSUNDAY, De Pingsterdag. bandelaar in 't grös.

Whoring, Hoereering, boerezWHIC TAIL, Zeker vogeltje. Whole-cheale boots, Wyde jagt.

rende, WHITTEN-TREE, Zekeren boom. laarzen.

To go a whoring, Hoereeren. WHIFTLE, Een klein mesje. Wholeness, Gebeelbeid, ganscbbeid. Whorith, Hoerachtig. to WHITILE , Snippelen, fnippe- WHOLESOM, (healtnfull or found)

A whorish look, Een boeracbtig Gezond, gaaf:

" gelaat. To whittle a stick, De bast van Wholesome, (good for one's I fear the is whorish , Ik vrees dat een stokje affcbillen , aan health) Goed voor de gezond

zy boeracbtig is. stokje lnippelen. beid.

He is whorith, Hy is boerachWhittled, (up thot) Verbuisd, A wholesome place or air, Een tig. be/cbonken.

gezonde plaats of lucht. Whorithly, Hoerachtiglyk. to WHIZZE, Sisen.

Wholesome waters, Gezonde wa

To be whorithly inclined, HoerWhizzing , Sijing, gefis,

terens.

acbtig zyn. Sudende. Wholefoin food, Gezonde spys.

WHORLE-BAT, Een strydkölf , WHO.

| Wholesome, (true, good) Ecbt, vëcbiknods. WHO, Wie, die.

goed.

WHORSON, Hoerenzoon. Who's there? Wie is daar? wie Wholcom doctrine, Een beilza WHOSE, Wiens, welks, welker. daar?

me leere.

A woman whose virtue is known He who was in the boat, Hy die Wholesomly, als; To look who every where, Eene vrouw wier in de jcbuit was.

lesomly, 'Er gezond uitzien. deugd overal bekend is. I know not how? Ik weet niet Wholesomness, Gezondbeid.

Whofe book is that? Wiens boek boe?

+ Wholciomness, (solidity of a is dat? WHOEVER, Wie ook.

doctrine) Waarbeid van een

Wholesoever , Wiens 't ook zy. Whoever thou art , Wie

gy
ook leer/tuk.

A. Somtyds word het woord ver-
zyt.
Wholly, Gebeellyk.

deeld, als in de volgende uitWHOLE, Gebeel, gansch.

He gives himself wholly to plea drukking; The whole world , De geheele ding, Hy geeft zicb geveel aan In whose ground soever the mine wiereld. 't pleiten over.

be found , In wiens grond de The whole sum, De gantsche fom. WHOM, Wien.

Myn ook gevonden wordt. He could eat a whole Ox, Hy The man whom I spoke to , De Whosoever, Wie ook, al wie. kon een beele Os eeten.

man dien ik aansprak.

Who lo, Al wic. Whole and found, (well in The man whom I love, De man

WHU. health) Frifcb en gezond, gaaf dien ik lief beb.

to WHUR as a dog, Knorren ais en goed.

From whom, against whom, Van
To make one whole, Iemand bee-
wie, tégen wie.

WHY.
len, (geneezen.)
With whom, Met wien.

WHY, Waarom, wel. ft He loves to Neep' in a whole Whomsoever, Wien ook, wien 't ook skin, Hy stelt zich nooit in pery

Why not? Waarom niet?'

zy.
kel; by boudt zyn buid gaarn beel. WHOOP, Geroep.

Why so? Waarom dat?
Аааааа 3

een bond.

20u.

zyne derde.

Is there any reason why hej WIDE, (large or broad) Wyd, ruim, To wield a fword, Een zwaard should not do it, Is 'er eenige breed.

zwenken. réden waarom by bet niet doen A wide coat, Een ruim kleed. He is able to wield a sword, Hy

How wide is the cloath? Hoe breed is in staat om een degen te be. To come upon one with a why. is bet kleed?

bandelen. not, Een fout in 't Speelen ver- en Wide, (great or valt) Groot. To wield a scepter, Een scepter béteren, en tot zyn voordeel uit A wide difference , Een groot ver zwaaijen, regeeren. leggen.

sobil.

Wieldy, Handelbaar, gemaklyk te He that's always ready, can ne. To be left to the wide world, Tegeeren. ver be taken with a why-not, In de wyde waereld gelaaten

WIF. Hy die altoos gereed is kan niet syn.

WIFE, Een wyf , buisvrouw , Urouw. verrascht worden. Wide, als; To set a door wide

He has a wife and children, Hy Why, but I did not fee bim, open, Een deur wyd open zët.

beeft vrouw en kinderen. wel, maar ik zag bem niet.

ten.

He has had severall wives , this Why, he is here within , Wel, To leave it wide open, Het wyd

is his third wife, Hy beeft uer. by is bier binnen.

open laaten.
Far and wide, Ver en wyd.

fcbeidene vrouwen gebad, dit is Why truly, do you question it? Neen zéker , in ernft , twyfelt His fame will spread far and wi

He does not think of taking a gy 'er aan. de, Zyne faam zal zicb wyd en

wife, 't Hoofd ftaat bem riet WHYTHERS, zie Withers.

zyd uitbreiden.

naar een wyf ; by beeft geen zin WIC. He is wide of the mark, Hy is

om te trouwen.

verre buiten 't spoor. WICK, (or borough) this word is to shoot wide from the mark

A good house-wife, Een goede hardly now used , but at the

buisboudster, zuinige troua. Ver van bet doel af, of bet doel end of some names, as Berwick ver mis fcbieten.

WIG. and the like, Wyk. Dit woord

You throw wide, 1 Gy zyt de WIG, Een wegge, een soort van word nu zelden gebruikt als aan plank is, gy vergiscbt th.

koekjes, als ook een be bet end van sommige naainen, als

That's wide (or far) from my pur naaming van een pruik, zse Pe. Berwyk , enz. pose, Dat is verre van myn

riwig. The WICK of a candle, 't Lemmet

oogmerk.

(t) WIGHT, Een menfcb ,een dier. van een kaars. This is not much wide from

WIL. WICKED, Boos, godloos, ondeugend, truth, Dit is niet verre van de WILD, Wild, woest. fcbelmscb.

waarbeid af. A wicked man, Een godloos

Wild-fowl, Wild gevogelt!.
Nor were it much wide of truth

Wild beasts, Wilde teefter. menscb.

to affirm it, Ook zou bet niet A wicked life, Een godloos lee.

A wild goose, Een wilde Gers, verre buiten de waarbeid zyn,

+ To lead one a wild goole chaven.

zulks te bevestigen. A wicked deed, Een boose daad, A wide room, Een ruime zaal.

se, (to amuse him with fair boeen scbelmstuk.

pes) Iemand met ydele belts Widely, Zeer, wyd, wel verre. A wicked rogue, Een ondeugende He discoursed widely from the wild country, Een woejt larista

paaijen. Sobelm.

matter, Hy sédeneerde verre van The wicked rejoyce in their fol.

wildernis. bet onderwerp af. ly, De godloozen verbeugen sicb to WIDEN, Verwyden.

A wild stock, Een wilde tax, in bunne dwaasbeid.

wild boompje. Wideners, Wydte, wydbeid. Wickedly, Godlooslyk.

# Wild look, Een wild gezigt. Widening, Verwyding , wyd. mag. To do a thing wickedly, lets

He is wild in his looks, or be has

king. godlooslyk doen.

a wild look, Hy ziet wild

Een finient, zékere Wickedness, Boosbeid, godloosbeid. WIDGIN vogel.

zyne oogen, by beeft een einde He suffers for his wickedness, Hy | A widgin, (or simpleton) Een

gezigt. lydt voor zyne godloosbeid

I think he is wild, (or mad) Ik

domme jorden. WICKER, Een tien, teen, rys.

geloof dat by wild of dol is. WIDOW, Een weduwe. A wicker basket, Een teene korfje.

A wild (or hair brained) youth, To court a widow, Eene weduwe A wicker chair , Een teene stoel.

Een onbefuisde jongeling, fees

uryen. WICKET , Een klinket , winket, Widowed, Weduwenaar, of weduwe

löshöl. een klein deurtje in een groote

Wild-fire, (a fort of fire icred. geworden. deur.

ted by the grecians about 713) Widower, Weduwenaar. WID.

Griekš vuur, onuitbluijckej Widow-hood, Weduwscbap.

vuar. WIDDLE-WADDLE, Wiggel. WIDTH, zie Wideness.

# Wild-fire, (or running-vorm, a waggel.

WIE.

kind of St. Antbony's fire): To go widdle-waddle, Gaan wag

vuur, St. Anibonies vuur. gelen als de Ganzen.

to WIELD, Zwaaijen, zwänken.

WIDGEON,}

[ocr errors]

been gaan.

A wild road , Eene Reede voor He did it of his own good will, Will he, nill he, .Willens, of scbépen, die ter wedersyde wei Hy deed bet vrywillig, of uit onwillens. nig land beeft, een woefte ree. zyn eigen wille.

Be the father or mother what they # Wild, (extravagant, imperti.Will, (or resolution) Wil, be will, Laat de Vader of Moeder nent) Buitenspoorig, onbetaame Nuit.

zyn wat zy willen. Lyk.

* Where the will is ready the feet A. Het woord Will is somtyds bet Wild conceits, Buitenspoorigbé are light, Daar de wil gereed

teken der toekomende tyd van de den. is, wyn de voeten ligt.

toonende wyze , 20 wel als Shall. . + He has not yet sowed his wild WILL, last will, (or Teftament) I will go thither , Ik zal daar

oats, Hy beeft zyne maatrege Een uiterste wille, Testament. len nog niet genomen.

A will-parol, Een woordelyk Tef. To will, or de fire) Begeeren. Wild curds, Verkookt, verbrand, tament, of Testament by monde. I willed him to do that, Ik wil.

[BOYER, vergeléken met MATo make his will, Zyn uiter de dat by dat zou doen ; ik be. RIN.)

ste wille maaken, zyn Testament geerde op bem dat by dat doen Wildered, Verwilderd.

maaken.

zoude. WILDERNISS, Een woestyne , wil. To forge a will, Een valfcb testa. To will, or to order) Bevees dernis. ment maaken.

len.

L WILDING, Een baag-appel, wilde To draw up a will, Een Tefta- Willed, Gewild. appel.

ment ontwerpen.

Ill-willed, Kwidwillig. The wilding-tree, De baag.appel WILL, (a good or bad difpo

Self-willed, Eigenwillig. boom.

fition, a kindness or unkindness WILLIAMS, or sweet-williams, (a Wildings, (wild fruits) Wilde towards one) Wil , goede of plant) Zékere plant, Armeria vrucbten. kwaade geneigtheid voor iemand.

in 't Latyn. Wildly, Wild-achtig.

Good will or kindness, Goede wil, Willing, Willende, gewillig. Wildness, Wildbeid, woestbeid.

of vriendelykbeid.

I am very willing to do it, Ik ben WILDS, (or wild regions) Wilder He wanted no good will, Het zeer genegen om bet te doen. niljen.

ont brak bem aan geen goede wil. To do a thing with willing mind, WILE, Een laage, list, strik. I have perceived bis ill-will to Iets met een willig bart doen. WILFULL, (van will, obstinate) me, Ik beb zyne kwaade geneigt

* Nothing is impoffible to a willing Halfterrig beid omtrent my bespeurd.

mind, Niets is voor een willig A wilfuli man, Een balfterrig To bear ill-will to one, Iemand gemoed onmogelyk.

een kwaad bart toedraagen. Willing or unwilling he must do A wilfull (or affected) negligen-The good-will, (custom or tra. it, Gewillig of onwillig by moet

ce, Een gemaakte agteloosbeid. de) of a house, De klandizie , bet evenwel doen ; by moet bet Bo Willfull, (premeditated, pre of neering von een buis.

doen of by wil of niet. pensed) Moedwillig, voorbe To let one have his will, le God willing, Als God wil. dacht.

mand
зуп
wil
geeven.

A willing work, Een vrywillig A wilfull fin, Een moedwillige Let him have his will, Laat bem werk. zonde.

syn wil bebben, laat 'bem begaan. Willingly, Gewilliglyk. A wilfull murder , Len voorbedach If I might have my will, Alsik

He did it willingly, Hy deed bet te mnoord. myr wil mogt bebben.

vrywillig Wilfully, (obftinately) Hardnek. He has all things at will, Hy I shall do it very willingly,Ik zal kiglyk.

beeft alles naar zyne wensch , bet gaarne doen, Wiifully, (on set purpose) Voor He has his wit at will, Hy beeft om I would willingly go to see him, bedacbtelyk. een zeer vaardig verstand.

Ik zou bem gaarne gaan zien. Wilfulness, Moedwillig beid. WILL, in plaats van William. Willingness, Gewillig beid. VILILY,

Will with a wisp , Een dwaal

He ühewed his willingness, Hy licbt, ftal-kaars.

betoonde zyne gewilligbeid. Wilinefs, Loosbeid, lifligbeid. to WILL, (to be willing) Willen, WILLOW, Willow-tree, Een wilWILK, Een alikruik.

gewillig syn.

ge, wilgeboom. WILL, Wil, wille.

I will, or I agree to it, Ik wil, A willow-plot, Een plek met wil To submit to God's will, Zicb of ik geef myne toestemming. gen geplant.

aan de wille Gods onderwerpen. What you will, Al wat gy wilt. Spiked-willow, (a thrub) Klein For such is our will and pleasu * To him that wills ways are not elle, meelbloem.

re, Want zodanig is onze wille wanting, Die wil ontbreekt bet WILÝ, Liftig , fcbalk, doortrapt. en welbepaagen. aan geene middelen.

WIM. To have one's will, or do one's He that will not when he may, will with a thing, Zyn' wib when he fain wou'd shall ha

WIMBLE, Een boor. bebben, zyn zin örgens in doen, ve nay, Die niet wil als by kan,

to WIMBLE,(to make a hole with. Use your own will, Doet uw zal bet geweigerd worden als by

a wimble) Booren, een gat boozin, wil.

ren.'

man,

WILY,''} Looslyk , litig.

[ocr errors]

staat.

loopen.

WIMPLE, Een ronde neusdoek, die

de Nonnen of Bagynen draagen. A wimple, (a flag or a streamer) Een wimpel.

WIN. to WIN, (to get or gain) Winnen. To win money of one, Geld van

iemand winnen. To win, (to get, to get the better, to obtain, to carry) Winnen, krygen, overwinnen,

bebaalen, To win the prise, De prys bebaa

len. To win a wager , Een wedden

fcbap winne To win the day, or win the bat

tle, Den Rag winnen. I have won the set, Ik beb de par

ty gewonnen. D To win, (to carry, to make

one's felf master of Vermeef

teren, bemacbtigen. To win the counterscarp, De Con

trefcarp vermeesteren. To win a place by assault, Een

plaats stormenderband vermeeste.

ren, bemachtigen, inneemen. 1 To win, (to bribe or prevail

with) one by presents, Iemand door geschenken winnen ,

baalen.
To win, (to, gain or acquire)

Verkrygen.
To win one's favour , lemands

gunst verkrygen.
To win the peoples good will,

Des volks genegenbeid winnen. To win (or persuade ) one to a

thing, Iemand ergens toe over

reeden. The end of God's Benefits is to

win us to our duty, Het oogmërk van Gods weid,aden, is om 0915 tot ouzen plicht te overree.

den. I must do what lies in me to win

his assent, Ik moet doen al wat in myn vermogen is, on zyne toe

stemming te verkrygen. to WINCE', Schoppen, agter uit

soboppen. Wincing, Geschop, Scbop Winching, acbtig: A wincing horse, Emm scboppend

paerd. WINCH, Een zékere Jebroef , wind

tuig, of dommekracbt. WIND, Wind.

The four principal or cardinal

winds, De vier voornaamste of To be troubled with wind, Met boofd winden.

winden gequěld zyn. A high wind, Een barde wind. To break wind, or to break wind A gentle wind, Een zachte wind. backwards, (to fart or fizle) Th wind blows , there's wind

Een wind laaten, veeften. abroad, De wind waait, daar To break wind upward, Wim is wind buiten.

den oprispen, bieren. A wind chat blows from the land + To have a thing in the wind,

or fea, Een wind die van bet land (to have a bint of it, to per. of uit zee waait.

ceive it) It lets in de neus bebA fore-wind, Een voor de wind. ben, ërgens de lucbt von kryger, A whirl-wind, Een dwarlwind, iets gewaar worden. wërvelwind.

I had it in the wind presently, A quarter-wind, Een ruime zeil Ik kreeg 'or terstond de lucbt van. wind.

+ To get or have one in the wind, A freth gale of wind, Een belde (to scent him out) | Iemand.is re koelte.

de neus bebben, weeten boe by beA good or favourable wind, Een goede of voorlyke wind.

To go down the wind, AgterWe had both wind and cide with uit gaan, met zyne dingen der

us, Wy badden voor de wind en voor stroom.

They are quite gone down the It is a contrary wind, 't Is in de wind, 't liganjcb met bun ter. wind.

loopen. To sail against the wind, In de

Between wind and water, Tulcben wind op zeilen

water en wind. To fail before the wind, Voos de Wind-mill, Een wind-msolen.. wind zeilen.

The wind-pipe, De lucht-pyp. * It is an ill wind that blows no Wind-egg, Een wind-ey.

body good, In 't Nimste kwaad A wind-heain of a house , Ees is doorgaans nog iets goeds.

boute pylaar daar een buis op rui. To get the wind, De wind mee' Wind-fall, Dat door den wind onkrygen.

gevallen is. To get the wind of a ship, De

A wind-fall, Een ondoorzien geloef van een scbip krygen.

luk. To fail near the wind, to go clo. The wind-cholick, Het wind-ka

se by the wind , Dicbt by de lyk. wind zeilen, by de wind steeken. Wind-bound, Door de wind opgeTo come too near the wind, Te bouden.

dicht by de wind komen. Wind-ward, Windwaard, lofwaard. To trim sharp, and to keep c!o Wiad taught, Wind-uang, 't geene

st on a wind, Scbërp by de wind dat wind vatten kan , gelyk zeilen.

hul touw-werk, enz. op de sché A fide-wind, Een zyd' wind.

pel, A trade-wind, Een paljaat wind. Wind-gall, Zeker gezwel aan de exA wind, (that comes into a room

klaauw van een pasrd. through a hole or chink ) Een to WIND, (or turn) Winden, drasia töcht.

jen. Wind, Cor vanity) rielbeid. To wind a thip, (or bring her Great man are fed with empty head about) Een sctip doen

wind, De grooten worden inet zwaaijen, winden. ydele wind gevoed.

To wind silk, Zyde winden. He turns with every wind, Hy

To wind himself about , Zicber waait met alle winden.

draaijen. Wind, (breath, reipiration) A. To wind his voice, Zyne lies dem, lucbt , ademjcbepping.

draaijen, of buigen. To fetch his wind, Adem baalen, To wind a horn , Op eenen boors lucbt scbeppen.

toeten (of blaszen ) To recover one's wind, or to fetch To turn and wind the penny,

one's wind again, Op zynen Hit geld, omzetten. adem koinen, adem scheppen.

То

over

[ocr errors]
« FöregåendeFortsätt »